Vetpercentage

Voor sommige mensen is het weten van het gewicht super belangrijk. Elke ochtend wegen ze om te kijken of er toevallig niks is bijgekomen. Voor deze mensen gaat het er vooral om dat die weegschaal maar niet aangeeft dat ze zwaarder zijn dan gisteren. Iemand anders sport wel regelmatig, maar vindt het weten van het gewicht niet zo belangrijk. Er is natuurlijk ook nog een groep mensen die weegmomenten helemaal uit de weg gaan, uit angst om iets te zien wat ze liever niet willen zien.

Helaas fixeren veel mensen zich veel te veel op hun gewicht wanneer het gaat om afvallen. Het meten van het gewicht belemmert de progressie omdat het tegen kan vallen. Is dat eigenlijk wel nodig? Zegt het gewicht van iemand voldoende? Buikspieren.nl legt je uit waarom het meten van het gewicht lang niet alles is.

Bepalen gewicht voldoende?

Het meten en weten van je gewicht alleen is niet voldoende. Zeker niet als je wilt weten of je goed bezig bent met afvallen en een gezond gewicht hebt. De reden dat je lichaamsgewicht alleen geen goede maatstaf is, is omdat het nogal schommelt. Andere factoren die je gewicht (negatief) kunnen beïnvloeden zijn: leeftijd, hormonen, medicijnen, slaap, voeding, stress en roken. Als we kijken naar dezelfde dag, kan het gewicht op wisselende momenten dus behoorlijk verschillen. Het beste moment om te wegen is ’s ochtends net na het plassen. Een andere uitkomst in je gewicht kan bijvoorbeeld ook te maken hebben met vochtverlies door het sporten.


Vetpercentage

Het vetpercentage geeft aan hoeveel vet er is opgeslagen in je lichaam. Dit is je totale gewicht in mindering van de vetvrije massa. De vetvrije massa bestaat uit botten, spieren, banden, pezen, organen, water etc. De totale hoeveelheid vet in je lichaam bestaat uit essentieel vet (heeft het lichaam nodig) en niet-essentieel vet (wordt opgeslagen). Bij een gezonde man die niet sport is dit zo’n 15%. Bij een dergelijke vrouw is dit zo’n 25%. Het percentage geeft aan hoeveel het totale gewicht uit vet bestaat. Een te hoog vetpercentage is schadelijk voor je gezondheid en het kost het lichaam meer energie. Een te laag vetpercentage zal leiden tot een trage verbranding van vetten en bij een lage glycogeenvoorraad van eiwitten.

Vetten zijn belangrijk voor het beschermen van je organen. Het vet wordt opgeslagen onder de huid. De dikte ervan kun je meten door je huid op te tillen. Wanneer je dit op meerdere plaatsen doet, wordt de nauwkeurigheid groter. Er zijn verschillende plekken die je kunt meten: bovenbenen, bovenarmen, buik en rug. Het grote voordeel van de huidplooi meting is dat je hem zelf kunt doen. Ook is de methode goedkoop om uit te voeren, alleen vereist het wel wat oefening.


Onderwaterdompeling

Een andere vorm om je vetpercentage te meten is de onderwaterdompeling, ook wel ‘’hydrostatisch wegen’’. Bij deze vorm zul je heel fanatiek moeten zijn. De naam zegt het al. Je berekent je vetpercentage met behulp van water. Hierbij wordt een speciale watertank gebruikt en wordt het principe van Archimedes gebruikt. Het wordt gebruikt om het vetpercentage te meten omdat de dichtheid van vetmassa en vetvrije massa constant zijn. Je gewicht in het water en erbuiten wordt met elkaar vergeleken. Botten en spierweefsel zijn zwaarder dan water. De dichtheid van je lichaam kan bepaald worden door de twee getallen en de dichtheid van het water. De uitkomst wordt  gebruikt om een nauwkeurige inschatting te kunnen maken van je lichaamssamenstelling (vetmassa en vetvrije massa). Het mag duidelijk zijn dat deze vorm van meten niet heel praktisch is. Daarnaast kost de methode veel geld en is het niet geschikt als je het niet zo op water hebt.


Digitale meting

De weegschaal wordt natuurlijk ook gebruikt om het vetpercentage te meten. We hebben het dan over een speciale weegschaal die elektroden door je lichaam stuurt om de weerstanden te bepalen. Met je blote voeten ga je op de sensoren staan, waarbij je met je handen twee hendels vasthoudt.    Je voelt deze impulsen niet. Door het geleidingsvermogen van je lichaam wordt je vetpercentage gemeten. Wanneer de vetvrije massa groter is, is het geleidingsvermogen ook groter. De weegschaal is praktisch omdat het snel inzicht geeft en het simpel uit te voeren is. Het nadeel is dat de stroom altijd de kortste weg kiest en vaak alleen het onderlichaam meet. Dit maakt het wegen niet volledig betrouwbaar.


Wat is een gezond vetpercentage?

Je weet nu dat het vetpercentage afhankelijk is van een aantal factoren, waaronder de leeftijd. Het gaat erom dat het percentage niet heel ver afwijkt van de gebruikte getallen hieronder. Vrouwen hebben een hoger vetpercentage dan mannen. Het vet wordt ook op andere plekken in het lichaam opgeslagen. Waar het bij vrouwen meer wordt opgeslagen bij bovenbenen en borsten, komt het vet bij mannen eerder op de buik terecht. Deze waardes zijn geen keiharde grenzen, maar eerder richtlijnen die je een beter inzicht geven.  

Vetpercentage: Vrouwen      
Leeftijd Te laag Normaal Te hoog Veel te hoog
20-39 Lager dan 21 % 21-33 % 33-39 % Hoger dan 39 %
40-59 Lager dan 23 % 23-34 % 34-40 % Hoger dan 40 %
60-79 Lager dan 24 % 24-36 % 36-42 % Hoger dan 42 %
   
Vetpercentage: Mannen      
Leeftijd Te laag Normaal Te hoog Veel te hoog
20-39 Lager dan 8 % 8-20 % 20-25 % Hoger dan 25 %
40-59 Lager dan 11 % 11-22 % 22-28 % Hoger dan 28 %
60-79 Lager dan 13 % 13-25 % 25-30 % Hoger dan 30 %
 
  • Voor een atletische bouw bij de mannen zal het vetpercentage tussen de 5-13% liggen. Voor droog trainen en zichtbare buikspieren is een vetpercentage van zo’n 10% erg mooi.
  • Bij een atletisch gebouwde vrouw zal het vetpercentage tussen de 13-20% liggen. Een vetpercentage onder de 16% is bij de vrouwen erg mooi om droog te trainen.


BMI

Een ander bekend fenomeen is de BMI, ook wel Body Mass Index. Dit geeft de verhouding aan tussen je gewicht en je lengte. Er wordt gekeken naar een juist gewicht ten opzichte van je lengte. De formule die hierbij wordt gebruikt is als volgt: gewicht in kg / lengte x lengte in m Je kunt je BMI aflezen met een veel gebruikte en algemeen overzicht:

  • Ondergewicht: 18,5 of lager
  • Gezond gewicht: 18,5 tot 24,9
  • Overgewicht: 25 tot 29,9
  • Zwaar overgewicht: 30 of hoger
Je BMI berekenen is super eenvoudig en hier heb je hooguit een rekenmachine voor nodig. Helaas zegt je BMI niet zo veel. Dit komt omdat de verhouding tussen vetweefsel en spiermassa niet wordt meegenomen in de formule. Het geeft dus zeker niet altijd een betrouwbaar beeld.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.