Welke soorten snelheid zijn er?
Snelheid zegt iets over je vermogen om één of meerdere bewegingen in een zo kort mogelijk tijd te volbrengen. Je doet dus iets zo snel als je kunt. Het is een onderdeel van je algehele conditie en is net als kracht, coördinatie, lenigheid en uithoudingsvermogen een belangrijke bewegingseigenschap.
Misschien dacht je bij snelheid tot op heden eigenlijk alleen aan iemand die zo hard mogelijk rent. Snelheid is veel breder en in dit artikel gaan we daarom verder in op de soorten snelheid die er zijn. Zo is er bijvoorbeeld een verschil in je maximale snelheid, je snelheiduithoudingsvermogen, je snelkracht, je reactiesnelheid, je acceleratiesnelheid, je cyclische snelheid, je a-cyclische snelheid en je actiesnelheid. We leggen je alle vormen uit! We zijn benieuwd welke vorm van snelheid jou het beste ligt? Laat het ons weten in de comments :)

Soorten snelheid?
Snelheid wordt niet zo vaak getraind in de sportschool als apart element. Wel worden bepaalde onderdelen van de snelheid door iemand getraind om bijvoorbeeld beter te worden in de tak van sport. Kracht en snelheid gaan veel samen. En laat kracht nu net een erg bekend onderdeel zijn binnen de muren van de sportschool..
Je maximale snelheid
Je maximale snelheid zegt natuurlijk iets over je topsnelheid. Met hulp van kracht kunnen bepaalde bewegingen in een zo kort mogelijk tijd volbracht worden. Opvallend is dat maximale snelheid niet heel lang volgehouden kan worden. De belasting is ten slotte maximaal voor je lichaam. Een hoge topsnelheid is niet alleen afhankelijk van kracht, maar ook van techniek. Denk bijvoorbeeld aan het sprinten bij atletiek, waar niet alleen techniek maar ook de verhouding van paslengte en frequentie een rol speelt. Ook zwemmers willen een goede verhouding in de slaglengte en de slagfrequentie. Niet alleen kracht, maar coördinatie is dus net zo belangrijk bij snelheid. Wat is jouw maximale snelheid tijdens het hardlopen?
Je snelheiduithoudingsvermogen
Soms is je lichaam zo vermoeid, maar moet het een bepaalde snelheid vast kunnen houden. Misschien kun je nog wel iets leuks bedenken van vroeger tijdens de gymles. Je was heel erg vermoeid, maar moest een bepaalde snelheid kunnen vasthouden om die 6 binnen te halen. Dit vermogen om weerstand te bieden aan vermoeidheid bij snelheid, noem je het snelheiduithoudingsvermogen. Je komt bijvoorbeeld traag op gang, maar werkt naar een bepaalde snelheid toe en houdt deze vervolgens vast. Om je maximale snelheid te bereiken en te behouden, maakt je lichaam gebruik van meerdere energiesystemen. Kracht is belangrijk, maar ook snelle zenuwimpulsen en het terugwinnen van ATP is nodig. Soms zijn bepaalde energiesystemen overbelast en dan komt je snelheiduithoudingsvermogen om de hoek kijken. Hoe zit het met jou snelheidsuithoudingsvermogen?
Je snelkracht
Ook dit onderdeel staat weer samen met kracht. Snelkracht is eigenlijk niets anders dan je vermogen om een vrij lage weerstand in een zo kort mogelijke tijd te overwinnen. De weerstand mag ook niet te hoog zijn, anders is snelheid niet eens mogelijk. Het gaat om een weerstand van 20 tot 50% van je maximale kracht. Denk bijvoorbeeld aan iemand die op badminton zit en telkens een forehand moet terugspelen. Dit vraagt een behoorlijke mate van snelkracht. Of een zwemmer die de 50 meter borstcrawl doet. Een behoorlijke snelkracht is dan wel op zijn plaats. Heb jij wel eens een situatie meegemaakt waarin je snelkracht op de proef werd gesteld?
Je reactiesnelheid
Bij je reactiesnelheid gaat het om je vermogen om zo snel mogelijk op een prikkel van buitenaf te reageren. Denk bijvoorbeeld aan een geluid, signaal of aanraking. Bij je reactiesnelheid spelen je centrale zenuwstelsel, je zenuwbanen, je zintuigen en je spierkracht een belangrijke rol. Reactiesnelheid is grotendeels aangeboren en bij de één is dit nu eenmaal beter dan bij de ander. Er zijn twee soorten reactiesnelheid. Je hebt de enkelvoudige reactiesnelheid en de complexe reactiesnelheid. Van enkelvoudige reactiesnelheid is bijvoorbeeld sprake wanneer een sprinter reageert op een startsignaal bij de 50 meter sprint. Bij complexe reactiesnelheid ben je afhankelijk van meerdere factoren. Bij spelsporten ben je bijvoorbeeld afhankelijk van je medespelers, je tegenstanders, de bal, de scheidsrechter en je eigen plek in het veld. Het heeft dus vooral te maken met hoe je anticipeert. Doe jij een spelsport? Hoe ervaar jij jouw reactiesnelheid tijdens de wedstrijden?
Je acceleratiesnelheid
Je probeert met je acceleratiesnelheid in een zo kort mogelijk tijd een zo hoog mogelijke snelheid te bewerkstelligen. het gaat dus om het accelereren. Bij tennis is dit bijvoorbeeld iemand die van de achterlijn naar het net sprint. Soms bereik je dus niet je maximale snelheid, omdat de ruimte er gewoonweg niet is. Voetballers hebben meer mogelijkheden om te accelereren, omdat de afstanden dan groter zijn. Accelereren kun je natuurlijk op verschillende manieren doen. Bijvoorbeeld ook bij formule 1. Max Verstappen is er ook een heer en meester in. Hoe accelereer jij bijvoorbeeld op je werk? :)
Je cyclische snelheid
Bij je cyclische snelheid gaat het om je vermogen om zichzelf herhalende bewegingen met een goede techniek uit te voeren, in een zo kort mogelijke tijd. Voorbeelden van cyclische bewegingen zijn: fietsen, lopen, roeien en zwemmen. Hoeveel meter kun jij roeien met een goede techniek, in 10 minuten tijd? Of hoe snel zwem jij met een goede schoolslag?
Je a-cyclische snelheid
Bij je a-cyclische snelheid gaat het om het zichzelf niet herhalende bewegingen. Je probeert dus een eenmalige beweging zo snel mogelijk te doen. Voorbeelden van a-cyclische bewegingen zijn: springen bij het hoogspringen in atletiek en het werpen bij speerwerpen in atletiek. A-cyclische snelheid lijkt om een belangrijk krachtonderdeel, namelijk je explosieve kracht. Meer hierover vind je in ons uitgebreide artikel over de bewegingseigenschap kracht. Hoe hoog sprong jij vroeger tijdens de gymles?
Je actiesnelheid
Het laatste onderdeel binnen je snelheid is je actiesnelheid. Hierbij gaat het om je vermogen om bepaalde snelle bewegingen te volbrengen in specifieke beweegsituaties of coördinatiepatronen. Dit klinkt ingewikkeld. Een ander woord voor actiesnelheid is dan ook je snelcoördinatie of handelingssnelheid. Opvallend is dat je actiesnelheid samenhangt met je acceleratiesnelheid en je (a) cyclische snelheid. Denk bijvoorbeeld aan het starten uit een stille positie bij waterpolo. Hoe zit het met jouw snelcoördinatie of handelingssnelheid?



